Is Jorrit Kaarsemaker (31) een Keuter? Officieel misschien niet. Hij werd geboren en groeide op in Hoogkarspel en woont daar nog altijd. Maar wie hem tijdens de kermis, bij Strandvogels of gewoon tussen zijn Onderdijker vrienden ziet, zou anders kunnen denken. Zelfs de bijnaam van zijn vader heeft hij inmiddels geërfd. En dan is er natuurlijk nog die legendarische maandagmiddag waarop hij na een biefstukontbijt en de nodige Coronaatjes zomaar de snelste man van Fiets ’m erin werd.
De roots liggen er in ieder geval. Jorrits vader Jos Kaarsemaker werd geboren in Onderdijk en woonde er tot zijn twaalfde. Later vestigde hij zich in Hoogkarspel waar Jorrit opgroeide.
In Keut had Jos vroeger een bijnaam: Mannenmaat. Zoals dat met goede bijnamen gaat, zit daar een verhaal achter. ‘Mijn vader vertelde als kind op school in de kring dat hij nieuwe schoenen had gekocht. Hij wilde met zijn moeder bij de kinderschoenen kijken, maar de verkoopster zei: dat kan niet, want jij hebt een mannenmaat.’ Het verhaal bleef hangen en daarmee ook de bijnaam. Keuters die zijn vader van vroeger kennen, noemen Jorrit inmiddels ook ‘Mannenmaat’, maar zijn bijnaam onder de jongere garde is ‘Brillie’. De reden laat zich raden.
Terug naar Keut
Als Jorrit 12 is, even oud als zijn vader toen hij Onderdijk verliet, zet hij vaste voet op Keuter grond. Op de middelbare school raakte hij bevriend met onder andere Mitch Hofland, Mike Boon en Rowin de Wit en via hen met Merlijn Weel, Bryan Broedersz en Jordy Weel. Yep, allemaal Onderdijkers. Voor hij het wist, was hij kind aan huis in Keut.
Strandvogels werd een vaste plek. Jorrit ging er voetballen, als reservekeeper bij het eerste, en werd vrijwilliger. Inmiddels zit hij in het hoofdbestuur en is hij verantwoordelijk voor de kantine en evenementen voor senioren. Zelf voetbalt hij tegenwoordig bij Zwaluwen ’30 in Hoorn. ‘Strandvogels heeft een hele goede eerste keeper’, zegt hij lachend. Hij traint nog wel vriendschappelijk mee, maar richt zich vooral op zijn vrijwilligerswerk. Altijd dolgezellig.
Eerst biefstuk, dan de fiets op
Thuis in Keut betekent ook thuis op de Keuter Kermis. Jorrit is er al jaren alle dagen bij en doet graag mee aan de activiteiten. Beerpong, de Kermisgames, het beachvolleybaltoernooi: zet iets geks neer en de kans is groot dat hij aansluit. Alleen de Prutrace sloeg hij tot nu toe over. ‘Daarbij was ik vooral heel goed in toekijken.’
Vorig jaar werd Fiets ’m erin onverwacht aan dat rijtje toegevoegd. De maandag begon zoals inmiddels traditie is met een biefstukontbijt bij de gebroeders Bryan en Gerald Broedersz en consorten. Rond elf uur komt de biefstuk op tafel en daar hoort een Coronaatje bij. Of meerdere.
Jorrit was alleen van plan om ’s middags even bij Fiets ’m erin te gaan kijken. Toch had hij voor de zekerheid andere kleding meegenomen. Voor je weet maar nooit. Een vooruitziende blik, want comitélid Paul Grooteman haalde hem over om op een reservefiets toch een poging te wagen. De eerste was weinig veelbelovend. ‘De ketting lag eraf en halverwege de helling lag ik al in het water.’
Hij kreeg een herkansing. Dit keer ging hij vol gas. ‘Ik reed in één keer door naar de bel. Ik hoorde het publiek juichen en dacht al: volgens mij was ik snel.’ Dat bleek een understatement: Jorrit had de snelste tijd van de dag neergezet.
En dat voor veel publiek. Waar de eerste editie van Fiets ’m erin nog geteisterd werd door kou en wind, stond het vorig jaar onder een stralende zon helemaal vol. Mensen keken vanaf boten, het eiland en achtertuinen toe en zelfs de burgemeester was aanwezig.
’s Avonds kreeg Jorrit in de kermistent zijn beker uitgereikt. Waar die gebleven is? ‘Volgens mij heb ik hem laten staan. Ja, het werd nog laat.’
De mooiste dag
Voor Jorrit is de maandag sowieso de mooiste dag van de Keuter Kermis. ‘Het hele weekend is leuk, maar maandag is meer voor de Keuters. Kom je weer diezelfde maten tegen die je al het hele weekend hebt gesproken en toch raak je niet uitgepraat.’
Ook dit jaar begint de maandag weer met biefstuk en Corona bij de gebroeders Broedersz. Wat er daarna gebeurt, is nog onduidelijk. ‘Ik houd van gekkigheid en kermisspelletjes dus het kan zomaar zijn dat ik weer ergens bij aansluit.’
Tussendoor naar huis in Hoogkarspel? Niet nodig. Dit jaar kan hij blijven slapen in de kersvers verbouwde nieuwe woning van Merlijn en Nancy Weel-Neefjes (lees ook het interview met hen op pagina 17). Voor de kermis neemt Jorrit standaard vrij van zijn werk als Teamleider Intern Transport bij Action in Zwaagdijk. Niet alleen tijdens de kermis trouwens. ‘Dinsdag en woensdag heb ik ook vrij. Die heb ik wel nodig om bij te komen.’
Wonen in Keut
Of hij in Onderdijk zou willen wonen? ‘Jazeker, wie weet in de toekomst. Alles ligt nog open.’
Het maakt niet uit; Brillie en/of Mannenmaat heeft zijn plek in Keut sowieso allang gevonden.







