Op 31 augustus 2019 sta ik al ruim voor zeven uur in de ochtend bij de woning van Dirk de Vries, het vertrekpunt voor zijn duizendste rondje om het IJsselmeer. Samen met nog 80 andere fietsers ga ik met Dirk mee, een ereronde vanwege deze unieke prestatie.

Zijn gezin en een aantal vrienden volgen met de auto. Een busje van Leo Smit rijdt mee voor het geval er onderweg pech is. Behalve een paar lekke banden is er geen gedoe. Er is veel media-aandacht.  Binding, maakt verslag vanuit het peloton, want ik fiets mee. Onder aanvoering van voorrijder Jan Kolenberg gaat het peloton van start. Een kleurig lang lint van jongelui, vrouwen en senioren trekt door de straten van Wervershoof, op weg naar de eerste stop. Rijkswaterstaat heeft het fietspad op de dijk keurig schoon geveegd en wenst halverwege, via een digitaal bord, Dirk veel succes. Al vroeg in de ochtend fietsen wij in schitterend weer naar Aart en Marie de Kuiper in Flevoland. Dirk, gekleed in een speciaal 1000e wielershirt, rijdt daar als eerste het pad op. Het peloton wordt getrakteerd op koffie en gevulde koek. Aart De Kuiper spreekt een zichtbaar geroerde Dirk toe. Hij spreekt over de vriendschap, die is ontstaan, ondanks het feit dat zij in alles heel anders zijn en denken. “Het bijzondere is dat hij niet bijzonder is, maar toch wel”, hoor ik hem zeggen. Bloemen uit dankbaarheid worden bij De Kuiper op tafel gezet. In het prieeltje tekent Dirk voor zijn 1000e. Duizend! Wanneer ik daar aan denk, duizelt het me voor de ogen. Via de Ketelbrug rijden wij een omweg naar Blokzijl, waar de krentenbollen van bakker Swart worden genuttigd. Deze verlenging is nodig om de kilometers met de pendelbus over de Afsluitdijk te compenseren. In Lemmer is weer een échte stop bij bakker Breimer, waar Dirk al jaren zijn eigen broodje eet. In de bakkerij krijgen wij allemaal een flesje cola, een kop koffie én uiteraard een heerlijke punt appeltaart met de versiering 1000e. Dirk neemt weer mooie woorden in ontvangst en krijgt een schaal met lekkernijen. Gelukkig kan hij deze aan zijn vrouw overdragen, zodat hij deze niet zelf hoeft mee te nemen. Het peloton gaat verder. Jan weet het gemiddelde precies op 25 te houden, best knap gedaan. Dirk geniet zichtbaar en verplaatst zich voortdurend door het peloton. Op mijn vraag wat hij er van vindt is het antwoord duidelijk: “Geweldig, wat een belevenis en wat mooi dat iedereen dit voor mij doet”. In Makkum overhandigt bloemist BlomYnien Dirk een fietsband, waarop een prachtig bloemstuk is gezet. Daarna pedaleren wij rustig verder. Het valt mij op dat veel Makkummers Dirk succes toewensen. Ik vind het toch wel bijzonder, dat een dorpsgenoot aan de andere kant van het meer zo vaak wordt begroet. De lucht is strakblauw en de wind is op de dijk echt behoorlijk tegen. Het is dus niet zo erg dat wij met de bus de oversteek doen. Een koddig gezicht, al die fietsen en fietsers opeengestapeld in vier bussen. In Den Oever wachten wij een half uurtje om niet te vroeg in Wervershoof te komen. Het laatste uurtje is dan aangebroken en de laatsten van de 200.000 IJsselmeerkilometers zoeven weg. Op de foto van Kees Laan zijn wij op de Zuiderdijkweg bezig met de laatste tien. Bij café ’t Fortuin worden wij opgewacht door een grote groep mensen, onder prachtige klanken van de fanfare St. Caecilia. Dat is wel even een momentje, hoor, prachtig. Felicitaties alom voor de man van duizend. In het café krijgt hij van dochter Ester een passe partout met de namen van alle deelnemers van deze tocht. Dirk dankt een ieder, die deze dag heeft mogelijk gemaakt, waaronder ook de toerclub Wervershoof. Zijn vrouw Bets heeft het laatste woord. Zij noemt het een prachtige prestatie van haar man. Zij is echter ook blij dat het voorbij is, dat Dirk trouwens zelf ook vindt. Het is mooi geweest. Onder het genot van een biertje wordt nagepraat. Een lekkere soep en belegde broodjes, beschikbaar gesteld door ’t Fortuin, gaan er grif in. Wat een fantastisch mooie dag is dit geweest.

Gerard Bot.