– Door Cindy Claij –
De kamelen wat?! Precies! Dat is ook wat ik dacht toen ik op Google Maps aan het kijken was wat er zoal te doen was in de omgeving van onze camping. Zoonlief, die over mijn schouder meekijkt, roept gelijk dat hij daarheen wil. Gezien mijn ongekende nieuwsgierigheid naar alles wat ik nog niet eerder heb gezien, ga ik direct op onderzoek uit.
We kunnen kiezen uit een kamelensafari, een actief uitje, een educatief uitje of zelfstandig rondlopen. Zelfstandig rondlopen lijkt mij het beste bij ons passen. Dan bepalen we mooi ons eigen tempo.
Na onze siësta stappen we op de fiets richting de kamelenmelkerij. Het is zo’n 8 kilometer fietsen. We fietsen door de bossen en merken toevallig een ijssalon op langs de route, dus voor we het weten, zijn we op de plek van bestemming. Als we aan komen fietsen, zien we een grote kudde kamelen in het verder ‘o zo Hollandse’ landschap. Het is een merkwaardig gezicht. Bij binnenkomst kopen we een kaartje en krijgen we een tas met een map vol informatie en 3 blikjes voer om aan de kamelen te geven. Maar, wees gewaarschuwd! Geef niks aan de witte kameel! Dit is het mannetje en hij heeft grote hoektanden, hij kan nog wel eens gemeen zijn. Oei! Het eerste wat ons opvalt als we de kamelen kunnen zien, is dat het eigenlijk allemaal dromedarissen zijn. Huh, dromedarissen? ‘Dromedaris’ is blijkbaar een woord dat we vooral in Nederland gebruiken, maar biologisch gezien vallen dromedarissen onder het geslacht van de kamelen, de naam die de melkerij hanteert.
In de stal aangekomen is het toch wel een onwerkelijk scenario dat we aantreffen. De grote stal met grote boxen staat en ligt vol met kamelen. Ze kunnen gevoerd en geaaid worden, ze zijn zacht, vriendelijk, nieuwsgierig en groot. De pubers, kamelen tussen de 3 en 4 jaar, staan apart en zijn nog wat kleiner.
We lopen naar buiten en kunnen tussen de weides met kamelen lopen. Net als veel koeien staan de kamelen in de zomer grote delen van de dag buiten. Ondertussen lezen we de schat aan informatie in de map: dat er hier meer dan 100 kamelen rondlopen, dat een mannetje wel 600 kilo kan wegen en dat een kameel in 10 minuten wel 100 liter water kan drinken, waarna deze vervolgens wel 10 dagen zonder water kan. Ook lezen we dat ze van stekelig eten houden, dat iedere kameel tot wel 300 kilogram kan dragen en dat ze daarom ook wel het ‘schip van de woestijn’ worden genoemd. Ze worden twee keer per dag gemolken en geven dan ongeveer 5 tot 6 liter per dag (ter vergelijking: een koe geeft ca. 25 liter per dag). De kamelen die buiten in de wei staan, worden op het moment dat wij er zijn net naar binnen gehaald. De kinderen mogen helpen om de kamelen naar binnen te drijven, als ze maar ruim achter de daadwerkelijke drijver blijven, ha ha.
We kijken nog een tijdje bij de stallen met de kalfjes en de crèche, waar de kamelen van 1 en 2 jaar verblijven. Daarna staan we nog een poosje bij een andere stal met wel heel aaibare kamelen. Het is een onverwachte en unieke ervaring. En dat gewoon net onder Den Bosch!
Schrijf jij graag en wil jij ook eens een
column in de Binding plaatsen?
Deze zomer maken we ruimte.
Mail je tekst en eventueel een foto naar







