Op donderdag 2 maart 2017 is het Oude Raadhuis in ons dorp tot de laatste stoel bezet. De Historische Vereniging Stichting Oud Wervershoof houdt weer haar jaarlijkse winterlezing, dit keer met een programma over de Westfriese taal.

 De taal lijkt bijna op zijn retour, maar is deze avond springlevend. De avond wordt geopend door Ina Broekhuizen-Slot, schrijfster van Westfriese verhalen, gedichten en toneelstukken. Een mooie opening met een gedicht over onze zingende Westfriese taal, gevolg door een lied van en door Sjaak Steltenpool uit ons dorp.

De beurt is daarna aan Jaap Meester met de vraag of het over en uit is met het Westfries. Nee dus. Het is aanwezig op huizen, op shirts, maar vooral in gesprekken, boeken, bijeenkomsten en op schrijversavonden van de stichting Creatief Westfries. Hij is enthousiast en trekt bijna alles uit de kast om maar aan te tonen dat het niet over en uit is met ons dialect. En gelijk heeft hij! Hij vertelt prachtig over de activiteiten om onze taal in ere te houden.

Henk Kok stelt, dat het dialect is gestold, dat het zich niet meer ontwikkelt, maar dat het wel is vastgelegd. Het dialect verschuift langzaam naar het gewone Nederlands en verdwijnt misschien ooit. In zijn betoog passeren verdwenen woorden als hondesnor en tweidammig wezen. Het dialect heeft invloeden op het eigenlijke Nederlands. Woorden als klessebessen, onwijs en oetlul zijn terug te vinden in de Dikke Van Dale. De uitdrukking: Je kijkt van achter een koe in zijn kont, vindt zijn oorsprong in het Westfries.

Ook al spreekt een Westfries nog zo keurig Nederlands, je weet zeker wanneer je met een Westfries te maken hebt wanneer je in keurig Nederlands bijvoorbeeld hoort: ik verschoot, de deur is los, te zwemmen en de niet weg te denken zinsafsluiting met het woordje ’denk’

Na de pauze is het woord weer aan Sjaak. Natuurlijk zingt hij (of beter: zingen de aanwezigen) Westfriese liedjes. Sjaak toont een aantal fragmenten uit zijn alom bekende en zeer gewaardeerde Westfriese quiz. De toeteboet en frikbillen zijn prachtige voorbeelden daar uit. De meeste mensen ondervinden de nodige moeite met de Westfriese woorden.

Laten we de taal niet vergeten. Alleen al wanneer je de tekst van Sjaak zijn liedje ‘Typisch Westfries’ hoort, besef je dat het Westfries moet blijven.

Trouwens: op ‘Haarlems’ na komt het Westfries het dichtst bij het algemeen beschaafd Nederlands (wetenschappelijk onderzocht).

Gerard Bot.