Jan Langedijk: verzetsheld uit Wervershoof. In maart 1945 werd hij gefusilleerd. Thuis bleef een lege stoel achter. Aan tafel bij zijn zwangere Betje. Tussen de kinderen. In het hart van een gezin. Op 24 augustus 1945 werd zijn jongste dochter geboren: Jannie. Een wiegje naast een lege stoel. Op 4 mei 2026 vertelde het meisje uit die wieg, Jannie Langedijk, haar indrukwekkende verhaal in Wervershoof. Binding deelt dit graag op deze plek.

Dit is een bijzonder moment voor mij! Dat ik hier mag staan in mijn eigen Wervershoof en dat ik mijn verhaal met jullie mag delen.

Ik sta hier om mijn vader Johannes Langedijk te herdenken die ik nooit heb gekend! 

Dromen kon ik alleen maar over mijn vader en bedenken hoe hij als vader zou zijn en zou reageren! Als kind had ik soms ook gevoelens van boosheid en vroeg ik me af waarom mijn vader zo’n groot risico heeft durven nemen! 

Thuis werd er nauwelijks over de oorlog gesproken, te pijnlijk! Lang verkeerde ik in de veronderstelling dat mijn vader heeft geweten dat mijn moeder van mij in verwachting was. Die illusie werd mij pas véél later in mijn leven ontnomen toen ik een brief in handen kreeg die mijn vader op 17 januari 1945 aan zijn zus in het klooster schreef !

Ik citeer daaruit:

‘Moge 1945 dan worden ’t  jaar van vrede en vrijheid. ’t Jaar dat we weer vrij kunnen ademen. Vrij! Wat een heerlijk woord! Vrijheid van godsdienst, vrijheid van pers en radio, vrijheid van onze organisaties op velerlei gebied!

Gelukkig ook dat we allen nog goed gezond zijn en nog steeds bij elkaar ondanks alle moeilijkheden!

Drie van mijn medewerkers zijn gegrepen, twee gedood en één in de gevangenis.

Laten we gezamenlijk bidden dat dit vreselijke lot mij niet treft. Want wat zal er van mijn gezin terecht komen als vader er niet meer is!

Hij sloot de brief af met een groet, mede namens mijn moeder en met de initialen van zeven kinderen.

Deze brief heeft mij toen diep geraakt! Ik had zó graag gewild – al wist ik misschien wel beter – dat mijn vader wist dat ik op komst was. Dat zijn gezin niet uit zeven maar uit acht kinderen zou bestaan!

Gina, Jan, Riet, Jaap, Truus, Rein,  Fer …..  en Jannie!

Op 25 januari – acht dagen na die brief – werd mijn vader, als leider van het verzet in Wervershoof, opgepakt. Een groot deel van de Landelijke Organisatie werd opgerold als gevolg van verraad!

Met het geweer in zijn rug werd hij – in het bijzijn van mijn moeder en de kinderen – weggevoerd naar de gevangenis in Medemblik.

Mijn moeder heeft hem nooit meer gezien of kunnen spreken. 

Wel schreef hij de volgende dag nog in een kort briefje aan mijn moeder: wij zijn hier best verzorgd en wanneer ik weer thuiskom zullen jullie wel zien! 

Kort daarna werd hij overgebracht naar de gevangenis in Alkmaar en vervolgens naar het Huis van Bewaring in Amsterdam.

Daar werd mijn vader op 8 maart, als represaille na de aanslag op SS-officier Rauter, met 52 mede-verzetsstrijders, op Rozenoord aan de Amsteldijk gefusilleerd!

42 jaar was hij toen!

Met zeven opgroeiende kinderen bleef mijn moeder alleen achter en werd ik op 24 augustus als achtste kind in het gezin geboren.

Ik heb mijn vader nooit gekend!

Mijn vader heeft nooit kunnen weten dat ik besta!

Maar ik besta
en besef dat mijn vader een held is geweest die zijn leven heeft gegeven voor de vrijheid van ons allemaal!

Op de Erebegraafplaats in Overveen ligt zijn steen met als tekst: Trouw aan God in elk gebod met als loon een hemels kroon!

In het Amstelpark in Amsterdam staat als onderdeel van het ‘monument Rozenoord’ tussen de 106 lege stoelen ‘Zijn Stoel!’

Af en toe ga ik op zijn stoel zitten en heb dan even het gevoel dicht bij hem te zijn.

Ik heb mijn vader altijd gemist!

Ik gedenk ook mijn moeder, die behalve de zorg voor haar kinderen, vele onderduikers bij ons thuis heeft opgevangen en zonder mijn vader ons gezin zo liefdevol heeft grootgebracht.

Zij was mijn Heldin!

Vorig artikelSeniorennieuws